Natasha (10) is gek van paarden. Ze zat al op een paard voordat ze kon lopen. Helaas woont ze midden in de Amerikaanse stad New York. Niet de ideale plaats om paarden te houden. Gelukkig gaat Natasha om de week naar haar tweede huis buiten de stad. Daar kan ze een weekend lang paardrijden, buiten spelen en in het hooi slapen.
Het huis in North Salem heeft echte Brabantse ‘wenkbrauwen’ boven de ramen
“Ik heb voor het eerst paardgereden in Nederland op het paard van mijn nichtjes. Mijn moeder hield mij vast. Terug in New York kreeg ik eerst les bij een kleine manege. Pas toen ik 8 was kreeg ik een eigen pony”, vertelt Natasha. “Die staat bij ons huis in North Salem, een uur rijden van New York.”
Haar moeder is Nederlands en Natasha ook. “Ik ben in Amerika geboren, maar ik denk altijd dat ik Nederlands ben”, legt ze uit. “Maar ik ben wel anders dan de kinderen in Nederland.” Bijna elk jaar gaat ze minstens 2 weken naar Nederland. Op bezoek bij haar familie in Uden. Dat ligt in het zuiden van Nederland in Brabant.Natasha spreekt daardoor met een perfecte ‘zachte g’.
“Ik vind het leuk om Nederlands te praten, want niemand hier in New York verstaat dat. Ik praat stiekem met mijn moeder over andere mensen en zeg bijvoorbeeld: ‘Daar is een meisje dat ik niet leuk vind.’”
Natasha’s slaapkamer in North Salem staat vol paardenspullen, -posters, -foto’s, -beeldjes. Toch is ze daar bijna nooit, zelfs niet om te slapen. “Ik ga rijden of de paarden verzorgen. Mijn vriendinnetje en ik slapen soms in de stal. We liggen met slaapzakken op paardendekens in het hooi. De kat gaat altijd mee tegen de muizen. Drie weken geleden heeft ze er nog een gevangen. De paarden maken ons niet wakker. Behalve om 7 uur. Dan hinniken ze, omdat ze willen eten.”
“We hebben 4 paarden staan: van de buurvrouw, mijn moeder, Bob - de man van mijn moeder - en van mij. Justice komt net als mijn moeder uit Nederland. Daar zijn paarden goedkoper dan hier en mijn moeder wilde graag een dressuurpaard. Maar hij kan ook heel goed springen. Justice is bang voor alles, maar dol op eten. Murry, van Bob, is een Tennessee walker, een echt Amerikaans ras. Mijn pony Penny komt uit Engeland. Ze is sterk en heel moeilijk te berijden. Ik doe dressuur, maar spring het meest. Dat vind ik leuker”, giechelt Natasha, “want in de lucht zweven is gaaf.”
Natasha is graag buiten, maar de stad heeft ook zijn voordelen. “Er zijn musea, veel films en je kan overal naartoe lopen. Er is veel te doen, en er zijn zoveel mensen. Central Park vind ik erg leuk net als het Metropolitan Museum, want ik teken heel veel.” Toch weegt dat niet op tegen de paarden. “Ik wil het liefst niet meer in de stad wonen. Hier buiten verveel ik me niet. Ik kan elke dag paardrijden, de paarden verzorgen en lekker in de frisse lucht zijn.”
Gepost door Lies Rubingh (redactie)


