Marinebiologie, cuarta spelen en cactussoep. Drie dingen waar Sary nog nooit van zou hebben gehoord als haar ouders niet ooit waren verhuisd naar Aruba. Zelf is ze geboren op het eiland. WereldKIDS ging bij haar op bezoek.
“Ik zit op het Colegio Arubano, de enige havo/vwo school op het eiland. Na de middelbare school wil ik gaan studeren. Waarschijnlijk biologie en dan misschien wel marinebiologie.” Dat is niet zonder reden. “Marinebiologen specialiseren zich in walvissen, dolfijnen, roggen en haaien. Zo kun je dolfijnentrainer worden. Na mijn studie blijf ik - denk ik - in Nederland. Op Aruba is weinig werk voor een bioloog. Maar misschien verhuis ik ook wel naar de Verenigde Staten. Het lijkt me leuk om in Seaworld of in het Nederlandse Dolfinarium te werken.”
Als dolfijnentrainer lig je natuurlijk wel de hele dag in het water. Dat vindt Sary helemaal niet erg vinden. Ze is namelijk een echte waterrat. “Ik zit op wedstrijdzwemmen. Dat kan hier het hele jaar door in een buitenzwembad. Ik zit ook op hockey, daar zijn de mensen op Aruba heel goed in.” Daarnaast heeft Sary nog een andere, typisch Arubaanse hobby: “Ik speel cuarta. Dat is een soort kleine gitaar. Het is een echt Caribisch instrument en in de meeste bands uit Curaçao en Aruba zit altijd ten minste één cuarta.”
Er zijn op Aruba dus allemaal leuke dingen te doen. Toch lijkt het Sary ook wel leuk om in Nederland te wonen. “Vooral in de winter. Op Aruba regent het dan de hele tijd, maar in Nederland valt er sneeuw. Ik ben gek op koud weer! Dat is wel vreemd, want ik ben hier juist gewend aan heel warm weer. Op Aruba is het ongeveer tussen de 28 en 33 graden. Als ik dan in Nederland kom, is dat wel even schrikken”
“Wat ik ook leuk vind aan het Nederlandse weer, is dat het zo vaak regent. Waarschijnlijk wordt dat wel saai als je er woont. Op Aruba regent het niet zo heel vaak. Het eiland is helemaal niet gewend aan regen. Er zijn bijvoorbeeld geen putten in de straten. Dus als het hard regent, kan het water niet wegkomen. Dan komen er overstromingen. Vorig jaar is mijn school drie keer ondergelopen en toen hoefden we niet naar school.”
Het eten op Aruba is niet zo heel speciaal. “Men eet hier weinig fruit en groenten en veel vet vlees, zoals geitenvlees. Ik eet niet zo vaak Arubaans eten, maar sommige gerechten zijn wel lekker. Zoals “pan gati”, dat betekent “geslagen brood”. Dat lijkt op een dikke tortilla. Het wordt gemaakt van maïsmeel en gebakken op een warme plaat. Bij een vriendinnetje at ik vaak funchi, een dikke pap van maïsgriesmeel. Wat mij lekker lijkt is “sopa di kadushi”, oftewel cactussoep. Dat heb ik nog nooit gegeten, maar wil ik wel graag proberen. Thuis eet ik voornamelijk Nederlands, zoals erwtensoep, pannenkoeken, rode kool en gehaktballen.”
Gepost door Lies Rubingh (redactie)


