Balkenende bezoekt de Jip en Jannekeschool

De Nederlandse kinderen van de Jip en Jannekeschool in Modi’in in Israël kregen op woensdag 15 maart belangrijk bezoek uit Nederland. Premier Balkenende kwam langs om een verhaaltje uit het boek Floddertje voor te lezen en vragen te beantwoorden.

“Het was best spannend”, zegt Gefen (8): “Gelukkig had premier Balkenende stroopwafels uit Nederland mee genomen.”

De Jip en Jannekeschool bestaat nog maar een paar maanden en nu al kregen de kinderen belangrijk bezoek uit Nederland. Maar dat is ook weer niet zo heel raar, want de school is best bijzonder. Hij is namelijk opgericht door de moeders van de kinderen! Het is daarom geen gewone school. Overdag moeten de kinderen naar een Israëlische school. Dat betekent dat ze in het Hebreeuws les krijgen, want dat is de taal die in Israël gesproken wordt. Eén keer in de week gaan ze een paar uur naar de Jip en Jannekeschool voor Nederlandse les.

Voor de Nederlandse moeders was het erg wennen aan de manier van lesgeven op de Israëlische school. Zo krijgen de kinderen in Israël bijvoorbeeld een ‘v’ tje op hun werk als ze een taal- of rekenles goed hebben gedaan, terwijl de kinderen in Nederland een grote krul in hun schrift krijgen.

De moeders vinden het leuk dat hun kinderen schrijfboekjes krijgen en verhalen horen die zij ook vroeger op school voorgelezen kregen. Bovendien komen de Nederlandse kinderen zo in contact met andere kinderen met een Nederlandse moeder.
En dat is best belangrijk, vindt Rivka Klein-de Graaf, de moeder van Gefen. “Voor de kinderen is het bijzonder om te merken dat ze niet de enige te zijn met zo’n gekke mamma die kopjes thee inschenkt om vier uur ’s middags en met haar vriendinnen aan de telefoon stom zit te lachen. Dat is namelijk iets wat alle Nederlandse moeders volgens onze kinderen doen.”

Gefen is acht jaar en ze vindt het heel leuk om naar de Jip en Janneke school te gaan. Vooral in het Nederlands leren lezen en schrijven vindt ze het allerleukst. Maar wel moeilijk soms, vooral om dat ze nu moet leren woorden aan elkaar te schrijven: “De letter f is héél moeilijk”, zegt ze. Ookal leert Gefen nu Nederlands lezen en schrijven op school, ze praat niet veel Nederlands met haar vriendjes en vriendinnetjes, terwijl ze het wel al goed spreekt. “Met vriendjes en vriendinnetjes praat ik vooral Hebreeuws en Engels”, vertelt ze. “Nederlands gebruiken we alleen als geheimtaal soms. Dan kan niemand anders ons verstaan.”

Maar met de premier uit Nederland op bezoek, Jan-Peter Balkenende, moest Gefen wel Nederlands praten, anders zou hij haar niet kunnen verstaan. Balkenende was in Israël voor de opening van een heel belangrijk museum over de Tweede Wereldoorlog; het Yad Vashemmuseum in Jeruzalem. En omdat hij toch in Israël was, bezocht hij ook een aantal Nederlanders. Daarom kwam hij ook langs op de Jip en Jannekeschool in Modi’in. Modi’in ligt tussen de hoofdstad Jeruzalem en een andere grote Israëlische stad in het noorden, Tel Aviv. Modi’in is de jongste stad van Israël: hij bestaat nog maar tien jaar.

Samen met andere kinderen mocht Gefen een paar vragen stellen aan Balkenende. En dat vonden ze allemaal best spannend. Gelukkig hadden ze de vragen eerst op papier gezet, zodat ze niet zouden vergeten wat ze willen vragen. In de school is een speciaal lokaaltje met een leeskasteel erin. Daar gingen ze zitten om te luisteren naar een verhaalt uit Floddertje. Toen de premier zijn verhaal uit had, mochten de kinderen hun vragen stellen. Ze vroegen hoe hij heet en waar hij geboren is. En ook of hij Nederland een mooi land vond. Maar Gefen stelde de belangrijkste vraag aan de premier: “Heeft u ook stroopwafels meegenomen?” Nou dat had hij. Een hele doos vol!

Gepost door Marijke van den Berg (redactie)

0 reacties op “Balkenende bezoekt de Jip en Jannekeschool”

Geef je reactie