Klare Taal header image 2

Recensie: Zoete Mond - Thomas Rosenboom

Een fictief dorp aan de Rijn, dierenliefde, twee door het leven teleurgestelde mannen en een witte walvis. Dat zijn de belangrijkste ingrediënten van de langverwachte nieuwe roman van Thomas Rosenboom ‘Zoete Mond’. Een pil van 550 bladzijden met ‘bijna met een happy end’, zoals de schrijver zegt in een van de videofilmpjes op Youtube, die aan de verschijning van het boek voorafgingen.

In het door Rosenboom bedachte Angelen aan de Rijn, vlak bij het wel bestaande Tolkamer, gebeurt nooit iets. Totdat dierenarts Rebert van Buyten er in 1965 na de dood van zijn vrouw komt wonen en een golf van dierenliefde ontketent; overigens zonder dat hij daar op uit is. Het brengt hem plaatselijke roem én in botsing met zijn vroeger zelfs landelijke bekende plaatsgenoot, Jan de Loper. Deze bejaarde grossier in grappen maakte vóór de tweede wereldoorlog furore met meerdaagse wandeltochten naar buitenlandse bestemmingen als Parijs.

rivaliteit
De door beide mannen gevoelde rivaliteit groeit bij de dierenarts uit tot een obsessie. Zeker als de door hem aanbeden maar onbereikbare Laura Banda niet nalaat over Jan de Loper, zijn grappen en zijn daden als weldoener uit te wijden, zint Rebert op wraak. De manier waarop hij dat doet, maakt hem nog onsympathieker dan hij al was. Ook al geeft Rosenboom hem een uitgebreide biografie mee, die meer begrip zou moeten oproepen voor zijn daden.

historisch
De Rijnoever waar het verhaal zich afspeelt, kent Rosenboom uit zijn jeugd. Hij gebruikte die kennis nooit eerder in zijn boeken. Ook de uitgebreide beschrijving van jaren zestig fenomenen en verschijnselen verraadt  dat de schrijver die periode zelf heeft meegemaakt. De tocht van de witte walvis over de Rijn naar Duitsland heeft echt plaatsgehad, terwijl Jan de Loper gemodelleerd is naar de in Breukelen vermaarde Kees de Tippelaar. Zonder dat Rosenboom pretendeert een historische roman geschreven te hebben.

breedsprakig
Het breed opgezette verhaal wordt op Rosenbooms bekende breedsprakige wijze verteld met veel woorden die in de huidige spreektaal amper voorkomen en oud aan doen: ten leste, gedurig, aloude, ommegaande, vlakaf, verschoning. Zomaar een paar voorbeelden van willekeurige bladzijden. Bij zijn eerdere boeken die in een verder verleden speelden, zoals ‘De nieuwe man’ (jaren 20 van de 20-ste eeuw) en ‘Publieke Werken’ (19-de eeuw) was dat minder opvallend én minder storend. Nu leidt dat taalgebruik soms af van de inhoud.

schematisch
De auteur staat bekend om zijn schematische manier van werken. Voor hij begint te schrijven, liggen verhaal, hoofdpersonen en ontwikkelingen als vast. Dit keer begon hij met een gevoel en een sfeer in plaats van met een verhaallijn met een begin en een climax, zo vertelt hij in één van de filmpjes. De komst van een konijn in huize Rosenboom en zijn onverwachte liefde voor het dier, bracht hem op het thema van de dierenliefde.

Toch schemert de ongetwijfeld eerder bedachte constructie op veel plaatsen door de vertelling heen. Soms teveel, en soms tegen het ongeloofwaardige aan, zoals in het geval van bijfiguur Marc. Deze kunststudent, huisgenoot van de eenzelvige spoorstudent Rebert, duikt jaren later op een cruciaal moment in het verhaal op als werknemer van een Amerikaans reclameburo, die Rebert vraagt een televisiereclame te schrijven - een toen nog onbekend fenomeen in Nederland. Terwijl diezelfde Marc niet veel later bij de doortocht van de walvis, een ander sleutelmoment, opduikt als Nederlands radioreporter die het bovendien zijn oude vriend mogelijk maakt zijn schuld tegenover Jan de Loper in te lossen.

herhalingen
Keer op keer wordt verteld welke flauwe grappen deze Jan allemaal uithaalden. Functioneel waar het gaat om de vergane glorie van de oude heer te duiden, maar net iets te vaak herhaald. Als Rosenboom er medelijden of begrip mee wilde opwekken voor een man, die taalt naar gelukkiger tijden, is dat bij mij mislukt. Ook averechts werken de hoofdstukjes waarin hij zijn kennis over witte dieren en hardlopen etaleert; niet aan mij besteed.

Wat beter beklijft, is de boodschap dat vrijheid naast geluk vooral eenzaamheid brengt: de aan gevangenschap ontsnapte beloegadolfijn mist zijn familie; de vrijheid die het familiekapitaal Jan de Loper schenkt om te doen wat hij wil brengt hem geluk, maar die verdwijnt met de roem. En ook Rebert wordt geen gelukkiger mens als hij door een smak geld zijn geliefde vak niet meer hoeft uit te oefenen.

zoete mond
De titel van het boek heeft iets cryptisch. Gaat het om de veelvuldig genoemde gestifte lippen van Laura, die met haar verhalen bij Rebert irritatie opwekt voor zijn rivaal, maar wier woorden hem ook tot inkeer brengen? In een interview in de Vlaamse krant de Standaard legt Rosenboom verband met de zoete mond die hij ervoer als  kind als hij snoep mocht kopen. Hij vertelt dat scenes in zijn boek datzelfde gevoel opwekken. Daar heeft hij gelijk in, al is het vooral het zoet van de toffee, die net iets te lang aan het gebit blijft kleven.

Voeg toe aan:  Plaatsen/stemmen op NUjij Plaatsen/stemmen op eKudos Plaatsen/stemmen op MSN Reporter Plaatsen/stemmen op Digg Stumble it! Voeg dit artikel toe aan Del.icio.us Voeg toe aan je Google bladwijzers Abonneer je op de RSS-feed van deze site Verstuur deze pagina per e-mail via Feedburner

Post to Twitter Tweet This Post

Tags: Recensies

4 reacties tot nu

  • 1 Prente Mailmoeder   Sep 3, 2009 at 4:06 pm

    Het fenomeen zeilen is niet aan Rosenboom besteed. Ik verwijs naar de passage waar het betreft een ‘leizijde’. Slordig van de redacteur of van Thomas? Ik citeer Zeeman over Amos Oz … ‘De man is geen historicus, maar schrijft wel historie’. Blijf een groot fan van T.R.

  • 2 tom   Sep 6, 2009 at 12:30 pm

    Mooi geschreven, spanning wordt opgebouwd en maakt het een boek om uit te lezen.
    Echter teveel betweteterigheid van de auteur over bepaalde onderwerpen die er voor het verhaal niet toe lijken te doen (zeilen, ik heb alles overgeslagen, te vermoeiend) verpesten het leesplezier.

  • 3 dora   Jul 6, 2011 at 6:17 pm

    Leuk boek. (Het zeilverslag is inderdaad tuttig maar die idiote JandeLoper en de suffige dierenarts Rebert maken veel goed.) De diverse verhalen zijn goed -ik ga op zoek naar Kees de Tippelaar- en met mooi taalgebruik beschreven.

  • 4 Frank   Aug 16, 2011 at 2:33 pm

    Na Publieke werken vind ik dit weer een erg goed boek. Je wordt door de manier van schrijven van Rosenboom meegesleept in de personages. In deze roman ging ik me ergeren aan het gedrag van de twee mannelijke hoofdrolspelers: hoe kan je nu zo apathisch en aloof zijn. Net zoals bij publieke werken twee verhaallijnen die bij elkaar komen.
    Dat een en ander wellicht niet geheel historisch verantwoord is maakt mij niet uit. Rosenboom creëert een mooie sfeer die je het gevoel geeft dat het correct is. Wat mij betreft een aanrader.

Geef uw reactie