H000282.A1 Opening Medische Faculteit Katholieke Universiteit : Fragmenten van speeches / 1951-10-17
Van de fragmenten van de opening van de Medische Faculteit is toespraak van B.J. Alfrink (van 7′06 - 19′00) het belangrijkst. Alfrink was sinds mei 1951 hulpbisschop van Kardinaal de Jong (die hij in 1955 zou opvolgen). Zijn toespraak is derhalve met de hoogste autoriteit uitgesproken.
8′00 “Wanneer vandaag de katholieke gemeenschap de opleiding van de katholieke arts in eigen handen gaat nemen, zullen wellicht velen dat willen zien als de een symptoom van de gevreesde katholieke macht. Voor onszelf is het niet anders dan een een eenvoudige, vanzelfsprekende en noodzakelijke maatregel van zelfbehoud.
[...] dan wel om de katholieke arts onder alle gezichtspunten te bekwamen voor zijn sociale taken. Kwam de medicus als man van medicijnen in de gezinnen binnen dan zou een eigen [...] katholieke opleiding wellicht nauwelijks voldoende rteden van bestaan naar voren kunnen brengen, maar hij komt er ook als mens.”
Aan het slot van zijn rede leest hij een brief voor afkomstig van J.B. Montini, subsituut [van Pius XII en later Paus Paulus VI].
Bij Beeld en Geluid is een gemonteerde versie van deze rede te vinden [oudHA-035186] die abusievelijk op 1954 is gedateerd, Alfrink kardinaal wordt genoemd en de brief van Montini van de paus komt. Deze versie is bij RNW H000282.B1 geworden. In het jaar 1954 redigeerde Alfrink als hulpkardinaal ‘het mandement’, waarin katholieken het lidmaatschap van socialistische organisaties ontraden/verboden werd.
Fragmenten uit de toespraak zijn aan elkaar gemonteerd zonder hoorbare overgang.
De opname is abusievelijk gedateerd op 17-10-1954 (moet zijn 1951), Alfrink was op dat moment hulpkardinaal (bisschop-coadjutor), de brief die hij aan het slot voorleest komt van het bureau van de paus van de hand van Montini.
