Decennialang hield Nederland zich netjes aan de regels en wachtte met het bekendmaken van de Europese verkiezingsuitslagen tot in alle EU-landen was gestemd. In 2004 brak Nederland tot woede van Brussel met die traditie.
De Europese Commissie dreigde met de rechter, maar Nederland zou net voorzitter worden van de EU en de procedure werd toch maar niet doorgezet. Nu bruskeert Nederland de Commissie opnieuw.
Nederland en Groot-Brittannië zijn de enige twee EU-landen die vandaag naar de stembus gaan. Tussen nu en zondag moeten er dus nog vijfentwintig andere landen. Maar voordat het zover is zullen die landen al weten hoe goed of slecht bijvoorbeeld de eurosceptici partijen het hebben gedaan in de Nederlandse proeftuin.
In een reactie op het Nederlandse voornemen om net als vijf jaar geleden Europees raadsbesluit 2002/772/EG/Euratom in de wind te slaan, zegt Europese Commissie woorvoerder Michele Cercone nadrukkelijk dat hij wil afwachten. Eerst maar eens zien of de resultaten inderdaad voortijdig bekend gemaakt worden, of dat Den Haag zich misschien alsnog bedenkt. Anders behoort een strafprocedure zeker tot de mogelijkheden, althans op papier.
Eline van den Broek, lijsttrekker van Libertas die naast Nederland ook nog in een aantal andere Europese landen meedoet - een novum bij deze verkiezingen - laat desgevraagd weten dat ze wel degelijk bang is dat de uitslagen van haar partij beïnvloed zullen worden door de dwarse Nederlandse opstelling.
Die opstelling zou te maken hebben met de Nederlandse kieswet, die gemeenten verplicht om gelijk na sluiting van de stembussen te beginnen met een openbare telling. In theorie zou iedereen de resultaten dus kunnen doorgeven. In de praktijk sturen de gemeenten ze zelf maar door, naar het persbureau ANP.
Toch wachtte Nederland tot vijf jaar geleden wel met bekendmaken. De opkomst bij de Europese verkiezingen lag toen nog lager, en niemand lag er wakker van wat er met haar of zijn stem gebeurde. “De resultaten stonden ergens in een hoekje” zegt Erik Meijer, Europarlementariër voor de SP, met als verkiezingsslogan: “Minder Brussel”).
Dat daar een eind aan is gekomen vindt Meijer juist een teken van betrokkenheid. “Mensen die gaan stemmen willen weten wat de uitkomst is. Ze zijn teleurgesteld als ze de resultaten niet dezelfde dag nog kunnen vinden. Vijf jaar geleden hebben we besloten dat we niet meer meededen met die onzin. Dat was hoog tijd.”
Dat de uitslag in andere landen op deze manier onbetrouwbaar wordt vindt Meijer onzin. “We hebben geen Europese partijen, die zullen er ook nooit komen. Het zijn gewoon losse verkiezingen in 27 verschillende landen, en de uitslag in één land zal nooit de uitslag in een ander land beïnvloeden.”
En sancties omdat Nederland zich niet aan een Raadsbesluit houdt? “Dat hadden ze dan vijf jaar geleden moeten doen. Nu is er al een precedent.”
Opvallend is wel dat de Nederlandse autoriteiten besloten het roer om te gooien op een moment dat de kritiek op Europa in Nederland toenam, en dat het bepaald niet in het nadeel was van de Nederlandse regering om te laten zien dat ze ook wel eens tegen Brussel in durfden te gaan. “Ja”, zegt Erik Meijer, “met zoiets onbelangrijks durven ze dat wel…”
Correspondent Tijn Sadée blogt over het leven in Brussel.

